Leraar voelt zich vaak onmachtig

Kopte de Volkskrant afgelopen woensdag. In mijn herinnering ga ik onmiddellijk terug naar een situatie zo’n 30 jaar geleden. Ik was denk ik twee jaar leerkracht. Viel in voor een zieke collega en kreeg het aan de stok met een meisje in die klas. Zij wilde niet doen wat ik vroeg. En dat herhaaldelijk. Ze verstoorde de les en ik kreeg haar niet mee. Er was duidelijk een ‘strijd om de macht’ gaande. Ik voelde me machteloos. Ten einde raad ‘verzocht’ ik haar de klas te verlaten: “En nu eruit!!”

En dat deed zer uite niet. Wat nu!? Ook ik maakte me schuldig aan het vergrijp van haar vastpakken en haar met ‘dwingende’ hand de klas uit te zetten. Het ergste was eigenlijk nog wat ik dacht. Dit meisje haar linkerarm zat in het gips. Ik dacht “ook al breek ik zo meteen je andere arm, eruit ga je…!”. Van die gedachte schrok ik enorm. En ik verslapte mijn greep onmiddellijk.

Waar waren al mijn pedagogische opvattingen, meningen gebleven over hoe kinderen op te voeden en te begeleiden? Ik had heus wel een verantwoorde pedagogische visie. Maar die was ver te zoeken op het moment dat ik me ‘bedreigd’ voelde en mijn angstmechanisme het van mij overnam.

Dit voorval noem ik vaak in mijn trainingen omdat ik van binnen uit weet hoe machteloosheid voelt en hoe het je soms tot handelingen brengt waar ik tot op de dag van vandaag niet trots ben. Ik snap hoe het werkt, maar dat is geen excuus. Dit voorval is voor mij de aanleiding geweest om met mezelf het onderzoek te doen naar hoe het ‘zo ver was gekomen’.

De omgekeerde versie ken ik ook. Het was een warme zomerse dag en ik kreeg het aanmachteloosheid de stok met mijn wiskunde docent. Een leerling snapte iets niet en hij was niet bereid om het uit te leggen (in mijn ogen, mijn waarheid!). Gewapend met dit onrecht ging ik de strijd aan. En stevig ook kan ik je vertellen. Ten einde raad moest ik van de docent het lokaal verlaten. En dat deed ik niet. Ik bleef zitten waar ik zat. Ik vond zijn handelen zeer onrechtvaardig en dus bleef ik zitten. Ik zei nog heel stoer: “de enige manier om mij hier weg te krijgen is via het raam”. Want daar zat ik naast en dat stond open. De docent verliet toen op hoge poten het lokaal. Ik had ‘gewonnen’. Maar ook hier hield op latere leeftijd mij de vraag bezig “wat maakte dat ik zo de strijd aanging?”.

Henk Galenkamp heeft een prachtig boek geschreven met de titel ‘Bang voor Boos’. Een aanrader! Als een leerling grensoverschrijdend gedrag vertoont kan dit jouw gevoel van veiligheid aantasten. Dit roept angst op. Als je je angstig voelt neemt je reptielenbrein het over. Het schakelt het vecht-/vlucht- of bevriezingsmechanisme in. Het gedrag van de ander ‘herinnert’ je aan de momente dat je in jouw veiligheid bent aangetast (meestal op jonge leeftijd) en toen niets aan de situatie kon veranderen. Leerlingen die niet doen wat jij van ze vraagt, kunnen jouw in het hier en nu triggeren, op iets wat hoort bij het toen en daar. Dit maakt dat jij je bedreigd voelt (maar daar zijn we ons vaak niet bewust van).

Bij grensoverschrijdend gedrag past de emotie boos. Deze boosheid maakt dat je een halt roept aan dit grensoverschrijdende gedrag. Door in deze situatie te reageren met ‘vechten’ of ‘vluchten’ roep je geen halt toe aan het grensoverschrijdende gedrag van de ander. En dit is het onderzoeksgebied van jou als leerkracht, als mens. Wanneer kom jij daar terecht. Wanneer voel jij je machteloos of angstig? Wat zijn jouw triggers? Wat moeten leerilingen doen om jou over de rooie krijgen? Welk gedrag maakt dat jij je bedreigd voelt? Wat moeten ze doen om jou echt heel boos of heel machteloos te laten voelen en hoe ga je dan reageren?

ijsberg, boven en onder waterAls je dat van jezelf weet kun je onderzoeken wat de achtergronden zijn van je triggers. Dat zijn namelijk de dingen die in jou ‘onderwater-programma’ zitten. Dat heeft niets met de leerling te maken. Het heeft alles te maken met situaties waarin jij je ooit angstig en machteloos gevoeld hebt en niet in staat was om iets aan die situatie te veranderen. De leerling maakt dit in feite alleen maar ‘los’. Dat wat onder de waterspiegel van de welbekende ijsberg zit komt voort uit wie je bent, wat je waarden zijn, welke ervaringen je hebt opgedaan, hoe je bent opgevoed, hoe jij vindt dat je met elkaar moet omgaan etc. Het lastige van dit thema is dat je je hiervan vaak niet bewust bent. En dat maakt het ook zo moeilijk om dit te veranderen. Een training of coaching helpt je om je hier bewust van te worden. Zorg dat je je je grens kunt bewaken op en heldere, duidelijke en krachtige manier. Van binnen en van buiten.

Omgekeerd speelt zich in feite hetzelfde patroon af. Het kind voelt zich bedreigd en ‘installeert’ ook zijn vecht/vlucht mechanisme. Het resultaat: twee botsende ijsbergen. Vanuit het kind is het ook belangijk om te weten wat zijn of haar triggers zijn. In een een ontspannen sfeer, is het niet moeilijk om sensitief en responsief te zijn, maar juist als het spannend wordt dan verliezen we het overzicht en worden we in de situatie “gezogen”.

Als je jezelf niet herkent in ‘vechten’ kijk dan eens of je jezelf herkent in ‘vluchten’ of in ‘bevriezen’. Ik zie ook vaak leerkrachten niet reageren op grensoverschrijdend gedrag. En zij ‘kiezen’ dus een andere route.

Mijn belangrijkste tips hier zijn:

  1. Onderzoek hoe jij omgaat met grensoverschrijdend gedrag?
  2. Ga voor jezelf na wat jouw triggers zijn. Wanneer wordt jij ècht boos?
  3. Bespreek dit met collega’s en zoek naar oplossingen. Zorg voor een ‘Eerste Hulp Bij Triggermomenten’.
  4. Ga op tijd de klas uit en laat je niet meesleuren door je ‘onderwaterprogramma’.
  5. Doorbreek het taboe en deel dit met elkaar. Je zult verbaast zijn hoeveel collega’s je hebt die dit herkennen.
  6. Volg een training of coaching als je merkt dat het je in de weg zit.
  7. Lees: ‘Bang voor Boos’ van Henk Galenkamp

Tot slot: realiseer je hoeveel meer je voor de kinderen kunt betekenen als je dit thema onder de loep neemt!

Zorg dat je het Verschil maakt!

 Afgelopen week is www.klassenkracht.nl online gegaan met als cadeau een gratis e-book Aan de slag met: GROEPSVORMING! 108 werkvormen om van een klas een Top-groep te maken. Er zijn inmiddels meer dan 130 boeken gedownoad. Het bericht is 39 keer gedeeld en meer dan 2.700 personen hebben het bericht gezien. Echt super!

Als je dit waardeert dan zou ik het heel fijn vinden als je mij wilt helpen om mijn facebookpagina Groepsvorming meer zichtbaar te maken door een like te geven. Voor al diegene die dit inmiddels gedaan hebben: heel erg bedankt!

En verder: DEEL dit artikel met jouw netwerk, door op de Tweet, Like, Share of Google+ knoppen te klikken, zodat ook andere leerkrachten in jouw netwerk kennis kunnen maken met de blogspot van Klasse(n)Kracht.

En heb jij mooie ervaringen over hoe je grensoverschrijdend gedrag een HALT toeroept? Deel dit met ons in het commentaarveld hieronder!

Advertenties

Ruzie maken!? Het hoort erbij!

Als ik vroeger ruzie maakte moest ik altijd naar boven, naar mijn kamer. Briesend, met het stoom uit mijn oren, stampte ik de trap op naar boven. Boven sloeg ik de deur dicht, zo hard als ik kon. En als het niet hard genoeg was, deed ik het nog eens dunnetjes over. Op dat soort momenten wilde ik het liefst de scharnieren er uit knallen!

Zo gefrustreerd was ik. Boos van de ruzie, maar nog veel bozer dat ik weggestuurd werd. Vol met gevoelens waar ik niets mee kon. Nee, ruzie maken was bij ons thuis ‘not done’.

Ik kan naar mijn kinderen in een sussende rol schieten als er onenigheid ‘dreigt’ te komen. Zelf ruzie maken heb ik inmiddels geleerd.

Ouders denken vaak dat ruzie maken niet goed is. En dat je dat zo veel mogelijk moet vermijden. Ze grijpen in, sussen de boel of bieden snel een oplossing. En zo hebben de meeste leerkrachten eigenlijk ook niet geleerd ruzie te maken en herhalen ze de strategie van hun ouders.

ruzie-makenMaar kinderen moeten juist leren ruzie te maken. (komt in een vervolg blog terug) En dat kan alleen maar door het ze te laten doen.

Hoe maak jij ruzie? Ben jij een uitdager, een susser, een ontwijker of een tot-tien-teller? Doe de test

In Noord breekt de Stormingsfase aan! De Strijd om de Macht gaat beginnen. Wie is hier de baas? Welke rol heb ik in deze groep? Hoe gaan wij hier met elkaar om?

Wees er op voorbereid! Hoe wil jij dat kinderen met elkaar strijden? Op een Win-Verlies manier, of op een Win-Win manier? Onderdruk het niet. Maar help ze om dit op een goede en respectvolle manier te doen. Kinderen moeten leren ruzie te maken. Waarom? Omdat het anders op hun eigen manier gaat en dat is meestal volgens de wet van de sterkste. Dit is een cruciale fase in groepsvorming.

Leer kinderen deze week het verschil tussen een conflict en ruzie maken. Een conflict is een verschil van mening. Je wilt allebei iets anders doen of hetzelfde hebben. Bij een conflict leer je de kinderen dat je een oplossing bedenkt waar je allebei tevreden over bent. Dit is een win-win oplossing. Ruzie is een conflict waar ook geweld bij komt kijken. Slaan, schoppen, schelden, trekken etc. Vraag kinderen hoe ze met een conflict omgaan. En hoe het voelt.  Ik noem er drie:

  1. Je loopt weg, je zegt niet wat je er van vindt. Dit zijn de ontwijkers.
  2. Je reageert agressief, je wordt driftig en slaat er op los. Dit zijn de uitdagers
  3. Je staat stevig op je benen, je komt voor jezelf op en houdt ook rekening met de ander. Dit is de toptien-teller. Hier zoek je naar een win-win oplossing.

Praat met kinderen over ruzie maken. Hoe doen ze het? Met wie hebben ze wel eens ruzie? Hoe lossen ze dat op? Is het voor spelende kinderen2allebei goed? Hoe willen we dat doen met elkaar? Wat past binnen de missie van de groep?

Doe rollenspelletjes met de kinderen. Speel het uit op een “foute” manier en op een “goede” manier. Leer ze de vaardigheden die nodig zijn om op een respectvolle manier met elkaar om te gaan. In je SEO methode vindt je vast leuke ideeën.

Let in deze periode goed op. Waar zie je het goed gaan? Bespreek dit met de kinderen. Geef ze een compliment. Koppel het aan de missie van je groep.

Maak gebruik van STORM: Vijf stappen om een Conflict op te lossen:

STAP 1: Stel vragen! Wat is het probleem?

STAP 2: Toon Respect. Laat kinderen naar elkaar luisteren (Wat ziet, voelt, denkt de ander?)

Geef ze de kans om hun verhaal te doen in de ik-vorm. Help ze met het onder woorden brengen van hun gevoelens. Hoor hun verhaal. Raak niet betrokken in het conflict. Ga niet op zoek naar DE waarheid. Er is alleen maar beleving. Blijf een buitenstaander. Vat aan het eind de situatie samen: dus als ik het goed begrijp dan is voor jou het probleem…en voor jou het probleem….klopt dat?

STAP 3: Oplossingen laten bedenken door de kinderen.

Vraag de kinderen hoe ze het probleem kunnen oplossen. Laat ze zelf voorstellen doen. En laat ze vooral meerdere oplossingen bedenken. Blijf in je rol als coach.

STAP 4: Rustig met elkaar een oplossing kiezen die voor beiden goed voelt

STAP 5: Mekaar bedanken voor de manier waarop ze het samen hebben opgelost. Sluit af met een handdruk of een boks.

Vraag later nog even of het gelukt is. Laat ze vooral zelf voor een oplossing kiezen. Geef ze vooral een compliment als ze hierin geslaagd zijn.

Jouw rol is niet de oplossing aandragen, maar jouw rol is begeleidend; je begeleidt de leerlingen bij de stappen. Boze mensen luisteren niet. Dus als je merkt dat de kinderen nog te boos zijn om te praten. Stel het uit. Het is een goede gewoonte om ruzies na schooltijd uit te praten. “Het is nu tijd om aan het werk te gaan, maar om 15.00 uur zoeken we met elkaar een oplossing”. Merk je echter dat het voor de leerling te veel interne storing geeft, zet dan de klas aan het werk en voer dit gesprek buiten de klas.

Ik hoor graag jouw ervaringen!

En jij? Mocht jij ruzie maken thuis? Of moest je de wijste zijn? Werd je net als ik naar je kamer gestuurd? Of werd de ruzie hardhandig opgelost? En hoe beïnvloed dat nu jouw visie op Ruzie maken?

Of…..? Geef hieronder je reactie op hoe jij tegen ruzie maken aankijkt en of jij vind dat je daar als leerkracht iets in kan betekenen?

Zorg dat je het Verschil maakt!

 

3 september gaat mijn gratis e-book  Aan de slag met: GROEPSVORMING! 108 wervormbinderlayingopen_550x634en om van een klas een Top-groep te maken online op www.klassenkracht.nl.

Schrijf je in en ontvang hem gratis!

 

Wil je me helpen om mijn mijn facebookpagina Groepsvorming meer zichtbaar te maken onder leerkrachten? Wil je me dan een Like geven?

 

En verder: DEEL dit artikel met jouw netwerk, door op de Tweet, Like, Share of Google+ knoppen te klikken, zodat ook andere leerkrachten in jouw netwerk kennis kunnen maken met Klasse(n)Kracht.

 

 

Begin met het eind voor ogen

            “Als je niet weet waar je naar toe gaat, waai je met alle winden mee!”

Nou ik geloof dat dat voor mij heel vaak het geval was! Ik kwam altijd wel ergens en vond dat ook erg leuk of leerzaam. Maar of ik daar nu werkelijk wilde zijn of voor gekozen had…

Mijn leven ontrolde zich door de gebeurtenissen die zich aan mij voor deden. Ik gaf daar zelf niet zo bewust sturing aan.

Toen ik jaren gelden o.a ‘de 7 eigenschappen van effectief leiderschap’ las van Covey, ging er een wereld voor mij open. Zo dacht ik niet en zo leefde ik ook niet.

missie

In het kader van groepsvorming zijn de 7 eigenschappen van effectief leiderschap een mooie uitdaging om de sociale en persoonlijke ontwikkeling van kinderen te bevorderen. Carla Luycx, directeur van de OBS Atlantis te Amersfoort heeft er een mooi boek (Opvoeden met Stephen Coveys 7 eigenschappen) over geschreven. Een aanrader!

Ik daag je uit om het jaar te beginnen vanuit een doel. Niet een klein doel maar eentje waar je het hele jaar aan kunt werken. Wat is je doel met deze groep? Wat zijn jouw waarden? Wat is jouw eindpunt? Naar welke haven koers jij? Met welk vervoermiddel ga je? En welke route ga jij kiezen?

Wat is het doel van de kinderen? Wat voor groep willen zij zijn? Welke waarden vinden zij belangrijk? Wat willen ze doen? Wat willen ze leren dit jaar? Hoe willen ze met elkaar omgaan? Wanneer kijken ze tevreden of blij terug op dit schooljaar? Wat is er dan bereikt? (denk aan de schrijfopdracht van vorige week).

missie21. Maak een groepsmissie. Laat kinderen met elkaar een naam bedenken voor hun groep. Maak op basis van de groepsmissie gezamenlijke regels en afspraken. Deze waarden, afspraken en regels pak je er regelmatig bij om met de leerlingen te bespreken of we als groep nog wel op koers zijn.

2. Wees een OEN: Open, Eerlijk en Nieuwsgierig. Mijn ‘weten’ zit mij vaak in de weg. En ik deel dat graag! Maar kinderen willen zelf nadenken. Stel ze vragen, zet hun brein op AAN!

3. Verpak de content in een context. Een leerkracht merkte op dat er zoveel te vertellen en uit te leggen was waardoor zij veel aan het woord was en niet de klas. Mijn reactie hierop was: jij weet wat de content, de inhoud is. Bedenk een context waarin de kinderen zelf de content gaan ervaren. Ga instructie geven en geef een aantal kinderen de opdracht om naar de wc te gaan of iets voor jou te gaan halen. Op het moment dat ze terugkomen zeg je tegen de klas “ga nu maar stil aan het werk”….kijk wat er gebeurd. Leg de boel stil en vraag: wat gebeurd er? Wat is er aan de hand? En kom vanuit de ervaring tot afspraken. En zo zijn er vast veel contexten te bedenken.

4. Stel je koers bij als je merkt dat je afdrijft. Doe dit samen met elkaar. Alleen al de vraag: wat gebeurt er… nodigt uit. Want blijkbaar gebeurt er iets.

5. En een herhaling van vorige week: veel kennismakingsactiviteiten doen.

Ik wens Zuid een hele mooie Start!

En Noord: Bereid je alvast een beetje voor op de Storming! Oftewel als de strijd om de macht deze week of volgende week gaat beginnen. Hoe ga jij daar dan mee om? De strijd krijg je, hoort er ook bij, is ook goed dat deze er is. Kinderen gaan hun rollen innemen, maar hoe ga jij dit proces begeleiden?

 

binderlayingopen_550x634Nog even geduld en dan komt mijn gratis e-book Aan de slag met: GROEPSVORMING! 108 werkvormen om van een klas een TOP-Groep te maken

Vraag: wil je me helpen om mijn Facebookpagina Groepsvorming meer zichtbaar te maken door mij te  Liken op Facebook.

En verder: DEEL dit artikel met jouw netwerk, door op de Tweet, Like, Share of Google+ knoppen te klikken, zodat ook de mensen in jouw netwerk kennis kunnen maken met Klasse(n)Kracht.

 

 

 

 

 

 

 

 

Klaar voor de Start?….GO!

Nog één week en dan opent regio Noord de schooldeuren. Deze week gaan teams om de tafel zitten om zich voor te bereiden op het nieuwe schooljaar. Een startvergadering waar de puntjes op de i worden gezet. En soms een studiedag om met een gezamenlijke Focus te starten.

Ik herinner me een Studiedag aan de start van het schooljaar waar het team veel last had van gedragsproblemen. Leekrachten voelden zich politie agent, de directeur toezichthouder en er was een groot gevoel van onveiligheid. De leerkrachten vonden de leerlingen: Brutaal, respectloos, niet aanspreekbaar op gedrag, agressief, verwend, eigen gang gaan, ongeïnteresseerdheid en er was veel pestgedrag.

1. Aan de hand van Foto kaarten hebben we de Huidige Situatie en de Gewenste Situatie met behulp van Fotokaarten in beeld gebracht:

Huidige beelden (fotokaarten)     Gewenste beelden (fotokaarten)
Dorre boel                                      Blije mensen
Gasmaskers                                   Trap omhoog
Asbak vol met peuken                    Bloeiende bloemen
Kippenhok                                      Bos, rust, sereniteit
Zwaar bepakte ezel                        Kleurrijk geheel
Kamer vol met rotzooi                    Viool muziek

De Urgentie om met elkaar aan de slag te willen was meer dan duidelijk!
Aan het eind van de dag was dit team klaar voor de START! En zij hebben hun doel bereikt: Rust in de School. Vanaf de eerste schooldag!

Maar hoe zit dat bij jullie? Zijn jullie er klaar voor?

In vijf stappen Klaar voor de Start!

sprint-start

1. Samen afstemmen op de gemeenschappelijke WAARDEN. Wat vinden we echt belangrijk en waarom vinden we het belangrijk. En wat verstaan we onder deze waarden in concreet waarneembaar gedrag? Wat doen we dan?

2. Tover de Schoolwaarden om in Regels en Afspraken (positief geformulieerd)

Rustig lopen in de School
In de school praat je rustig met elkaar
Als je in de klas bent, blijf je in de klas
Boeken ruilen in de gang , één leerling tegelijk anders duurt het te lang
Kauwgom en snoep in de prullenbak

3. Affiches maken van de regels en zichtbaar ophangen in de hal, gang etc.

Zorg dat het affiche er aantrekkelijk uitziet. Laat leerlingen bijvoorbeeld de gedragsregels uitbeelden, maak er een foto van en plaats die erop.

4. Regie voeren op de Regels en Routines

Leg aan de leerlingen uit waarom regels belangrijk zijn. Geef complimenten voor het gewenste gedrag en reflecteer wekelijks met je collega’s op het gedrag van de kinderen. Hoe gaat het? Wat gaat goed? Waar zijn we tevreden over? Hoe komt dat? Wat doen wij als team waardoor dit goed gaat? Wat gaat nog niet goed? Hoe komt dat? Wat kunnen wij als team doen om dit deze week beter te krijgen? Spreek het met elkaar af. Zorg dat duo collega’s die niet werken ook op de hoogte zijn! Herhaal dit de eerste vier weken. En laat het daarna op de vergaderingen steeds even kort terug komen.

5. Tolereer geen smoesjes en slappe hap.

Houdt de zaag scherp! Spreek collega’s aan als je merkt dat ze zich niet aan de afspraak houden. Communiceer wat je waarneemt en wat daarvan het effect is op jou of de school of de leerlingen, en vraag of dit ook de bedoeling is van de desbetreffende collega.
Als je elkaar niet aanspreekt terwijl je wel ziet dat een collega zich niet aan de afspraken houdt, kies je op dat moment voor gedoe, ruis op de lijn, irritaties. Wordt geen onderdeel van de Mislukking, maar zorg dat je onderdeel wordt van het Succes!

Weet dat jij voor kinderen het Verschil kunt maken!

Klaar voor de START? …. GO!

En verder: DEEL dit artikel met jouw netwerk, door op de Tweet, Like, Share of Google+ knoppen te klikken, zodat ook de mensen in jouw netwerk kennis kunnen maken met Klasse(n)Kracht.

It’s all-in the Mind(set)

Toen ik 25, jaar geleden startte met het geven van trainingen , worstelde ik altijd met de overtuiging ‘Ik kan dit niet…niet echt’. ‘Ik ben geen goede trainer’. ‘Straks val ik door de mand’etc. Elke keer als ik een training begon, was ik enthousiast. Maar na 3 bijeenkomsten begon het aan mij te knagen. Ik zag mensen met elkaar praten, ik zag iemand onderuitgezakt in zijn stoel zitten en ik dacht steevast: “die man of vrouw zit zich vast te vervelen. Wat ik sta te vertellen vindt hij/zij complete onzin”. Ik controleerde deze aanname niet. Ik deed aan IVEA = Invullen Voor Een Ander (toendertijd had ik wel van NIVEA gehoord, maar dat was dat smeersel in een blauw doosje. Dat het Niet Invullen Voor Een Ander kon betekenen wist ik (nog) niet).
Wat ik wel deed was ‘bewijsmateriaal’ verzamelen waardoor ik tegen mezelf kon zeggen “eigenlijk ben je een waardeloze trainer”. Ik had de rotsvaste overtuiging van mezelf dat ik dom was (het behalen van mijn doctoraal was gebaseerd op geluk en het lage niveau van de opleiding en niet op intelligentie). Er ging een wereld voor me open toen ik mijn aannames begon te checken. Onderuitgezakt zitten in een stoel kan veel betekenissen uitdrukken!

mindset1-1-300x336

Nu was/ben ik ook eigenwijs. Zo herinner ik me nog een gesprek met een professor over het behalen van mijn diagnostische aantekening. Hij vond dat ik niet eerst boekje 4 kon lezen als ik boekje 1 nog niet uit had. Ik was het fundamenteel met hem oneens en trok vervolgens mijn eigen spoor. Meteen maar door voor mijn diagnostische registratie; boekje 7. Ik had dus ook nog een andere overtuiging. Ik zou bewijzen dat als iemand vond dat ik iets niet kon, ik dat wel kon. En die vechtlust was een goede tegenhanger voor mijn negatieve overtuigen.

Wat je denkt, gelooft en doet bepaalt je Mindset. Mindset is hoe je denkt over talent en de ontwikkelbaarheid daarvan. Je kunt twee soorten Mindsets onderscheiden: de Groei Mindset en de Statische Mindset. Mensen met een Statische Mindset zien capaciteiten als iets dat aangeboren is en beperkt ontwikkelbaar. Mensen met een Groei Mindset zien capaciteiten als iets dat je ontwikkelt door inspanning en effectieve leerstrategieën.

Welke Mindset hoort bij jou? Doe de test: http://tests.psychologiemagazine.nl/Brein/Test%20je%20mindset%20-%20intelligentietest?pagina=1

Wat is je overtuiging over jouw rol t.a.v. groepsvorming? Is het iets waar jij invloed op uitoefent? Of wordt het bepaald door de kinderen? Dacht je toen de groepsverdeling bekend was: ‘Help ik krijg die lastige klas?’ of dacht je ‘Yes, we gaan er dit jaar een mooi jaar van maken met elkaar?’ is het iets dat je kunt leren? Of is het iets dat je wel of niet kunt?

Hoe ontwikkel je een goede Mindset?

1. Ken je zelf! Wie ben jij? Wat is jouw dynamiek? Wat zijn jouw behoeften voor leren, samenwerken en communiceren? Welke overtuigingen heb je opgebouwd? Waar liggen je sterke en zwakke punten? Geniet van je talent en ontwikkel waar je in wilt groeien.

2. Ontwikkel je Bewustzijn. Dit kun je doen door zelfreflectie, meditatie, yoga, mindfullnes. De kern is dat je leert om je Aandacht te richten.

3. Neem je verantwoordelijkheid en wees bereid te veranderen. Wat je zegt ben je zelf. Is dit overwegend positief of betrap je jezelf erop dat je woorden gebruikt die niet opbouwend voor jezelf zijn? Of geef je liever de schuld aan anderen of aan je omgeving?

4. Focus op je Doelen en het Resultaat. Wat wil je bereiken met de groep? Vetaal dit naar activiteiten en zet dit om in Actie.

5. Ontwikkel Doorzettingsvermogen. Laat het er niet bij zitten als het niet wordt wat je je er van voorgesteld had. Schakel je collega’s in, vraag hulp, volg nascholingsbijeenkomsten op de onderwerpen waar jij in wil groeien. Oefen, oefen, oefen.

Heb je zelf mooie voorbeelden van hoe jouw Mindset voor of tegen je werkt? Laat het achter als reactie, dan kunnen andere leerkrachten en teams hier ook hun voordeel mee doen.

En verder: DEEL dit artikel met jouw netwerk, door op de Tweet, Like, Share of Google+ knoppen te klikken, zodat ook de mensen in jouw netwerk kennis kunnen maken met Klasse(n)Kracht.

Geniet nog heerlijk van je vakantie!

Besmettelijk Gedrag

Bij vertrek op Schiphol mag ik graag nog even in de boekenwinkel struinen. En altijd doe ik daar een impulsieve aankoop. Dit keer trok ‘The Tipping Point ‘van Malcolm Gladwell mijn aandacht. Met als ondertitel ‘How little things Can Make a Big Difference’. Daar word ik nieuwsgierig van: hoe kleine dingen een groot verschil kunnen maken.

Dit boek gaat over de vraag hoe een idee, trend of sociaal gedrag zich verspreidt en ineens een hype of een rage kan worden. Zo kan bijvoorbeeld één persoon er voor zorgen dat er een griep epidemie uitbreekt. Bij mij schiet meteen de Cupsong in gedachten. Eén film zorgt ervoor dat bijna elk kind op school, thuis aan de keukentafel, met bekertjes en handgeklap aan de gang gaat. Het was mij ontgaan, maar ineens was het er. En niet alleen bij mij thuis aan de keukentafel, maar op scholen, tijdens Sinterklaasviering, recordpogingen wereldwijd, hele klassen lieten hun kunsten zien youtube filmpjes van schoolklassen. Waar komt dit vandaan?

http://www.sayomg.com/omg-new-cup-song-record/

In het boek worden drie kenmerken genoemd die er voor zorgen dat een idee, trend of sociaal gedrag zich verspreiden: het is besmettelijk, het start ergens klein maar heeft een groot effect en het gaat niet geleidelijk; het is er ineens, en overal. Zo komen de UGG’s voorbij in mijn hoofd, de Crocks, Furby, Rubik Kubus en het Loomen. Ineens loomt iedereen armbandjes, sleutelhangers, beertjes en schildpadden, maar ook dingen in de taal ik denk aan ‘gedist’ worden en het stopwoordje ‘dûhûh.. ‘

Een van de kenmerken is dat het ‘Besmettelijk’ is. Als voorbeeld wordt ‘gapen’ genoemd. Als iemand in je omgeving begint te gapen, begin je zelf ook te gapen of zie je anderen gapen. Je steekt elkaar aan. En misschien zelfs nu je een aantal keren het woord gapen leest, krijg je misschien de neiging om spontaan te gapen… Maar met lachen gebeurt het ook. Als iemand smakelijk zit te lachen ga je vaak mee zitten lachen.
Hoe kunnen we deze kennis gebruiken bij Groepsvorming? Hoe kan een schoolteam er voor zorgen dat kinderen ‘Besmet’ worden met Sociaal Vaardig Gedrag? Door zelf voortdurend het goede voorbeeld te geven.

Hoe kun je als school gebruik maken van ‘Besmettelijkheid” om positief gedrag te stimuleren? Bedenk als team welke 5 gedragingen je wilt zien van de kinderen en begin daar massaal mee en hou het vol. Evalueer wekelijks de vorderingen.
1. Loop glimlachend door de school, Zeg goedemorgen, goedemiddag, maak grapjes, heb plezier!
2. Herinner kinderen met een glimlach aan de regels die je met elkaar hebt afgesproken.
3. Geef kinderen ’s morgens bij de deur een hand of een box (!), kijk ze aan, maak contact
4. Geef complimenten door te zeggen wat je iemand ziet doen of hoort zeggen en wat daarvan het positieve effect is op de sfeer in de groep
5. Zorg dat je plezier maakt met elkaar, maak gebruik van kleine spelletjes en energizers. Ga samen klapspelletjes doen (zie youtube) dat verbindt sowieso; ook leuk om uit te proberen als team! Veel plezier.

Heb je zelf leuke ervaringen met ‘besmettelijk gedrag’ laat het achter als reactie, dan kunnen andere leerkrachten en teams hier ook hun voordeel mee doen.

En verder: DEEL dit artikel met jouw netwerk, door op de Tweet, Like, Share of Google+ knoppen te klikken, zodat ook de mensen in jouw netwerk kennis kunnen maken met Klasse(n)Kracht.

Geniet nog heerlijk van je vakantie!

Zelforganisatie

Aan het strand van Bonaire, mijmer ik wat voor me uit. Al snorkelend zag ik hele groepen kleine visjes in het water, die zich als één groep lijken te bewegen. Hoe weten ze nu van elkaar dat ze naar links of naar rechts gaan?
Ik lees op Wikipedia dat het zwemmen van vissen in scholen een voorbeeld is van Zelforganisatie. Zelforganisatie is het proces waarbij in een chaotisch systeem spontaan structuren ontstaan.

foto strand Bonaire

Een belangrijk kenmerk van Zelforganisatie is dat niemand doelbewust structuren in een systeem aanbrengt. Iemand kan natuurlijk wel voor de voorwaarden zorgen waardoor Zelforganisatie kan plaatsvinden.

Dat vind ik een boeiend gegeven. Iemand die voor de voorwaarden zorgt waardoor Zelforganisatie kan plaatsvinden. Kan ik zo ook naar Groepsvorming kijken? Is een leerkracht degene die voor de voorwaarden zorgt waardoor er Zelforganisatie kan plaatsvinden? En welke voorwaarden zijn dan belangrijk?

In het vorige blog heb ik er een paar genoemd. Voor nu komt daar eentje bij: kennismaking! Zorg er voor dat kinderen elkaar leren kennen. Niet alleen oppervlakkig, maar help ze gedurende de eerste weken beter, diepgaander te laten kennen.

Doe op regelmatige basis oefeningen met elkaar die de leerlingen met elkaar in contact brengen, die focussen op overeenkomsten, die steeds iets verder gaan in de onderlinge ontmoeting.

Voor nu mijmer ik weer even verder. De praktische oefeningen komen aan het eind van de vakantie. Nu ga ik weer even snorkelen.

Geniet van de zomer!

Jelly Bijlsma