Je bent zo mooi Anders!

                                                               Je bent zo
jij bent zo mooi andersmooi
anders
dan ik,

natuurlijk
niet meer of
minder
maar

zo mooi
anders,

ik zou je
nooit
anders dan anders willen.

                                                               (gedicht van Hans Andreus)

Ik voelde me als kind altijd al ‘Anders’. Ik was 5 of 6 jaar toen ik van Friesland naar Holland verhuisde. Thuis spraken wij Fries; mijn thuistaal, myn memmetaal. Ik begreep niet altijd alle woorden. Zelfs toen ik op de P.A. zat kan ik me nog een les herinneren waarin we galgje deden. Het woord dat geraden moest worden was quillotine. Ik had er nog nooit van gehoord. Dus dat zei ik. Ik geloof dat ik toen als reactie kreeg “ als je niet weet wat dat betekent, moet je je afvragen wat je hier doet..”. Ik voelde me vooral dom.

Kinderen die ‘Anders’ zijn

Kinderen die ‘Anders’ zijn worden vaak gepest, lees ik in het counselling magazine. Ja dat herken ik. Het ‘Anders’ zijn hangt af van wat ‘Normaal’ is in de groep. Dus de ene keer kan het zijn omdat je “slimmer bent dan…” of de andere keer omdat je “dommer bent dan…” of wanneer je “stiller bent dan…” of juist “brutaler bent dan…of viool speelt terwijl de rest voetbalt…” .

Kinderen met een Ontwikkelingsstoornis zijn ook ‘Anders’. Bij ontwikkelingsstoornissen hapert vaak de sociale ontwikkeling. “In welke mate is het belangrijk dat we aandacht besteden aan het ‘Anders’ zijn? vraagt Martine Delfos in ditzelfde artikel”. Deze vraag sluit aan bij mijn vragen. Ik hoor steeds vaker dat kinderen buikpijn hebben omdat ze bang zijn. Uit gesprekken blijkt dan dat dit soms te maken heeft met het ‘Anders’ zijn van andere kinderen. Kinderen die onvoorspelbaar zijn, niet doen wat andere kinderen van hen verwachten. Een verlies-verlies situatie. De ene leerling trekt zich terug omdat hij de onvoorspelbaarheid niet kan hanteren en de andere leerling wordt zo veel mogelijk vermeden, buitengesloten.

Elk kind heeft recht op ongelijkheid, ook binnen de klassensituatie!kinderrechten01_1

We zijn in vele opzichten ‘Anders’. We verschillen van Dynamiek. We hebben verschillende leer en communicatiestijlen. We hebben verschillende kernkwaliteiten en sommige kinderen zijn anders omdat ze een ontwikkelingsstoornis hebben. Klasgenoten die opvallen door ander gedrag roepen vaak irritaties op met als gevolg dat kinderen sociaal buitengesloten worden. Door de klas te informeren en te begeleiden in het feit dat we allemaal anders zijn en dus ook andere dingen nodig hebben helpen we kinderen een stap verder in hun ontwikkeling. Als je begrijpt waarom Maarten altijd mag werken achter de computer en jij niet, waarom Yousef steeds zijn spullen vergeet mee te nemen of Karel altijd geluiden maakt tijdens het stil werken.

Klassengesprek

Ik hoorde een een prachtig verhaal van een leerkracht over een interventie die zij met de groep had gedaan. Zij had het Sociogram afgenomen en de uitslag (met toestemming van de klas) met de hele klas besproken. Er waren een aantal kinderen die de positie Buitengesloten hadden. Zij besprak dit met de kinderen en stelde vragen als “wie zijn de populaire kinderen in deze klas”, “wat maakt iemand populair”, “hoe voelt dat om populair?”, maar ook komt het dat veel kinderen niet met leerling x willen spelen?” of aan de Buitengesloten leerling vragen “hoe is dat voor jou dat niemand met jou wil samenspelen?”.

Een van de kinderen heeft een stoornis in het Autistisch Spectrum, ik noem haar Lieke. De kinderen geven in dit gesprek aan dat ze tijdens het spelen van trefbal de bal zo lang vast houdt, dat dat hun irriteert. Lieke vertelt dan dat als zij de bal heeft en er 10 kinderen tegelijk naar haar beginnen te schreeuwen: “Hier, hier, hier of Lieke gooi etc” zij in de war raakt van al die opdrachten en niet kan kiezen naar wie ze de boel moet gooien. De juf vraagt haar wat voor haar wel prettig is. “Dat ze niet naar mij roepen, dan kan ik beter kiezen”. Aansluitend geeft de juf ook wat informatie over hoe dat voor Lieke werkt. Kinderen begrijpen nu veel beter wat er gebeurt en willen Lieke hierin graag ondersteunen.

ADHDNog een voorbeeld: Mark heeft ADHD. Hij geeft aan dat hij graag met andere kinderen zou willen spelen tijdens het buitenspelen maar ook na schooltijd. Zijn klasgenoten reageren verbaasd. Ze hebben namelijk de indruk dat Mark helemaal niet van samenspelen houdt. Mark geeft aan dat hij wel van samenspelen houdt, maar dat hij niet van alle spelletjes houdt die zij met elkaar spelen. En dan doet hij liever niet mee. Ook hier praten de kinderen over door en vragen aan Mark wat hij prettig zou vinden. Ze spreken af dat ze wel aan Mark blijven vragen of hij mee wil spelen, maar dat Mark de ruimte heeft om nee te zeggen. Niet omdat hij niet met de kinderen wil spelen, maar omdat hij het spelletje niet leuk vindt.

It takes a village to raise a child

En een leerkracht die kinderen de gelegenheid geeft om vragen aan elkaar te stellen, naar elkaar te luisteren en behoeftes uit te spreken.

Hoe help jij kinderen omgaan met het ‘Anders’ zijn?

Hoe help jij kinderen elkaar beter te begrijpen?

Ik ben benieuwd welk Inzicht dit blog jou oplevert! Laat een reactie achter in het commentaar veld!

Zorg dat je het Verschil maakt!

Als je mijn blog waardeert wil je dit artikel dan delen met jouw netwerk zodat ook collega leerkrachten, intern begeleiders kennis kunnen maken met Klasse(n)Kracht.

En wil je iets terugdoen? Zou je mij dan willen helpen mijn Facebookpagina KlassenKracht meer zichtbaar te maken door een like te geven? Voor al diegenen die dit inmiddels gedaan hebben: heel erg bedankt!

een verschillige groet,

Jelly.

Advertenties